We liepen gewoon een ommetje. Zoals de hele week al. Nee, ik liep een ommetje, zoals de hele week al. Zij huppelden achter me aan. Of voor me uit. Meestal ging het zo dat zij vooruit huppelden totdat ze iets te besnuffelen vonden. Daar bleven ze dan zo lang hangen als de lijn toeliet. Een meter of vijf tot ik ze inhaalde en dan dezelfde afstand tot ze een rukje voelden. Dan huppelden ze weer door.
Zo liepen we een ommetje. Over het grasveld van de Radesingel, langs de Sint Jozef, over nog een grasveld en nog ??n. Die laatste twee zijn van de Ubbo Emmiussingel, dacht ik.
Ze huppelden over de Museumbrug en deden, zoals de hele week al, de eerste twee keer net of ze niet hoorden dat ik zei "Zit!" toen we bij het zebrapad stonden te wachten. Dat was een automatisme. Drie keer "Zit!" is ?cht zitten, dat was zo'n beetje het commando. De derde "Zit!" uitgesproken met een basstem, een beetje dreigend.
Het ommetje eindigde op het station. Maar dat maakte de logees niets uit. Na drie keer "Zit!" zaten ze keurig naast elkaar op perron 3, rondruikend naar gevallen voedsel, kroketten ofzo. Een trein leegde zich op perron 3, dat vonden ze ook leuk. Allemaal mensen, die allemaal anders geurden.
E?n persoon rook bekend, dat was hun baas. Maar dat hadden ze pas door, toen ze op vier meter genaderd was. Zover reikte de lijn, het was een blij weerzien met veel springen en likken. Het afscheid ging best vlot. Riemen overhandigen, tas met voer mee. De logees waren vooral blij dat hun echte baas weer terug was, geloof ik. Ze keken niet echt heel erg om toen ik op haar fiets wegreed van het station.
Vanochtend sliep ik uit, zonder gewekt te worden door jankende honden of een goedbedoelde snuit in je nek. Straks breng ik hun baasje haar tas en doe ik nog een ommetje. Dan huppelen zij nog een keer voor me uit, alsof de week nog niet om is.
“Het baasje”, en “haar tas”? Zit schroom om het woord “vrouwtje” te gebruiken hier achter?